Etappe 6
Schoonloo - 23 km Sleen
Maart roert zijn staart
De heenreis verliep verrassend soepel, maar was typisch maart: het ene moment reed ik onder een heldere hemel vol sterren, het volgende moment werd ik getrakteerd op een stevige hagelbui. Die afwisseling – van bijna lente naar volle winter in een paar minuten – hoort echt bij deze tijd van het jaar.
Ik had mijn camper neergezet aan een wei en werd wakker in het zachte ochtendlicht. Toen ik naar buiten keek, zag ik twee hazen. Ze leken met elkaar te stoeien – een soort speelse strijd om wie de grootste was. Zo’n moment waarop je even stilvalt en gewoon geniet. De dag zelf begon met een strakblauwe lucht en volop zon. Na zo'n heenreis voelt dat als een cadeautje.
Slimme camper & offgrid-leven
Mijn camper begint me ondertussen steeds beter te begrijpen. Het slimme laadalgoritme dat ik heb ontwikkeld, houdt bij hoeveel energie ik gemiddeld gebruik, wat de zon waarschijnlijk gaat opleveren en hoe vol de batterij minimaal moet zijn om geen energie te verspillen én toch comfortabel thuis te komen. Het mooie is dat hij ook actief meedenkt: als het nodig is, schakelt hij over op laden via de dynamo, en hij geeft zelfs advies. Dan weet ik of ik zuinig moet doen of dat ik prima mijn warmtedeken een standje hoger kan zetten. Meer over mijn camper en offgrid-leven lees je op offgrid.czyk.nl.
Brinkdorp Sleen
Sleen voelde verrassend snel vertrouwd. Een echt brinkdorp, rustig, met net genoeg voorzieningen – zo’n plek waar ik mezelf wel zie wonen. Met ruimte, en in mijn hoofd zelfs al een grote stal voor de camper. Er zit iets in die sfeer dat meteen landt. Alleen jammer dat het zo ver weg is van waar ik nu woon.
De reis naar het beginpunt verliep niet helemaal vlekkeloos. Ik nam een klein buurtbusje richting Emmen. Bij het overstappen stond ik keurig te wachten, tot ik me ineens realiseerde dat de halte aan de overkant van de straat was! Precies op dat moment zag ik mijn bus wegrijden. En omdat ze maar één keer per uur gaan, zat er niets anders op dan het te accepteren. Gelukkig scheen de zon en bleek er een gezellig marktje te zijn.
Er speelde een draaiorgel. Iets waar ik normaal gesproken een hekel aan heb – waarschijnlijk omdat ik er vroeger door wakker werd toen ik boven een markt woonde – voelde nu ineens gezellig. Misschien door het vakantiegevoel, of omdat dit een klein orgeltje was dat nog met de hand werd bediend. Geen stinkende benzinemotor, maar gewoon iemand die er echt moeite voor doet. Dat maakt echt verschil.
Blaren uit Noord-Holland?
Eenmaal op pad liep ik een stuk samen met twee wandelaars uit Noord-Holland. Het was gezellig, maar ze gaven me ook een inzicht dat bleef hangen. Ze hadden gehoord dat blaren ontstaan als je te snel loopt. In eerste instantie dacht ik dat het om tempo ging, maar ik loop ook weleens een etappe trailrunnend op hoger tempo, zonder blaren. Al snel besefte ik dat het iets anders is: het gaat erom dat je mentaal al vooruit bent. Dat je lichaam nog hier loopt, maar je hoofd al verderop is. Vermoedelijk belast je onbewust je voeten dan toch meer omdat je ze minder soepel neerzet. Dat herken ik, zowel van wandelen als van trailrunnen – soms ben ik volledig aanwezig en heerlijk in Flow, maar soms ben ik in gedachte al bij de finish...
Het landschap onderweg wisselt tussen bos en landerijen. Nog steeds vrij recht en georganiseerd, maar je ziet dat het al begint te verzachten. Paden die nét niet meer kaarsrecht zijn, weilanden die onderbroken worden door slingerende paadjes en groepjes bomen. Het is nog gecultiveerd, maar het krijgt al iets organisch. En dat verandert meteen hoe het voelt.
Landschap en lucht
Ook de lucht begon te veranderen. Er verschenen steeds meer cumuluswolken en de wind trok aan. Af en toe voelde het ineens weer fris. Gisteren had ik geleerd waar die typische maartse buien vandaan komen: de windrichting is nog zoekende. Als de bovenlucht ineens vanuit het noorden komt, kan die razendsnel afkoelen tot wel -40 of -50 graden. Dat enorme temperatuurverschil met de grond zorgt voor krachtige stijgende lucht, die vocht meeneemt en zich ontlaadt in stevige hagel- of sneeuwbuien. Met die kennis kijk je toch anders naar de lucht. Vandaag hoopte ik dat het droog zou blijven – morgen zie ik dan wel weer.
Onderweg kwam ik langs magnolia-plantages. De knoppen waren al goed zichtbaar, alsof ze op het punt stonden open te barsten. Ik stelde me voor hoe dat er over een paar weken uit moet zien: alles in bloei, bijna sprookjesachtig. Zo’n voorbode van wat nog komt.
De laatste kilometers...
De laatste kilometers waren taaier. Nog drie te gaan, maar het landschap werd bebouwder en ik liep over een lang, kaarsrecht fietspad. De rek was eruit. Mijn hoofd zat al bij het eind: een warm voetenbadje, een goede maaltijd. En precies in die doelfixatie miste ik een afslag – een leuk paadje naar rechts waar ik zo voorbij liep. Het was bijna komisch, maar ook weer precies datzelfde inzicht: als je al vooruit bent, zie je niet meer wat er om je heen gebeurt.
Uiteindelijk kwam ik weer terug bij de camper. De etappe zat erop. Net op tijd haalde ik nog iets bij de bakker wat ik ’s ochtends al had zien liggen: Drents Turf. En eerlijk is eerlijk – dat is echt lekker. Daarna nog even langs de supermarkt voor iets gezonders, en toen kon de avond beginnen.
Een dag die begon met stoeiende hazen en eindigde met iets lokaals en eenvoudigs, maar onderweg vol zat met kleine inzichten. Over aanwezig zijn, over kijken, en over hoe makkelijk je dingen mist als je al ergens anders bent dan waar je voeten staan.
Flow?
Benieuwd naar meer over flow, aandachtig leven en hoe je in het moment kunt zijn? Binnenkort deel ik op czky.nl/flow meer verhalen, inzichten en tips. Meld je vast aan voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte!