Pieterburen - 184 km Sint-Pietersberg

Etappe 9

Hardenberg - 21 km Ommen

Datum: 17 april 2026

Afstand: 21 km


Even schakelen

Vandaag begon zonder haast. In de camper, met koffie, en het gevoel dat alles al goed genoeg geregeld was. Geen perfecte voorbereiding, maar wel precies voldoende. Misschien zelfs beter zo.

Het plan was simpel: etappe 9 van het Pieterpad, van Hardenberg naar Ommen. Rustig starten, stabiel tempo, en vooral niet opjagen. Eigenlijk zou ik pas volgend weekend beginnen, maar omdat ik spontaan met een vriendin naar Madeira ga, schoof alles een week naar voren. Even schakelen dus. Maar dat gaf ook iets luchtigs — het hoefde niet perfect.

De Vecht bij Ommen in de ochtend

Nog voordat ik begon, voelde Ommen al goed. Water, een klein haventje, mooie gebouwen. Levendig, maar gemoedelijk. Ik parkeerde aan de Vecht, met optie om straks lekker te plonzen. Dat vooruitzicht bleef de hele dag een beetje meewandelen. En bij het station zag ik een pannenkoekenhuis. Ook die bleef ergens op de achtergrond hangen.

Lente langs de Vecht

Eenmaal onderweg voelde het alsof de natuur al bezig was en ik pas net aansloot. De Vecht lag er rustig bij, met velden vol geel en wit eromheen. Paardenbloemen, pluis, licht. Alles bewoog: vogels, insecten, kleine dieren. Alsof de wereld zachtjes "aan" stond.

Paardenbloemen en pluis langs het Pieterpad

Dat maakte het makkelijk om in een ritme te komen. Geen haast. Gewoon stappen.

Rheeze... brinkdorp met historie

Rheeze is zo’n klassiek esdorp, gebouwd rond de es boven de rivier. Eeuwenlang draaide hier alles om land en vee. Schapen in potstallen, mest vermengd met heideplaggen, laag op laag op de akkers. De grond onder het pad is letterlijk opgebouwd door generaties voor me. Hier ga je vanzelf langzamer lopen.

Bord bij de ingang van Rheeze

In het midden ligt een brink, geen strak dorpsplein maar een open plek waaraan de boerderijen een beetje losjes zijn gaan hangen. Schuren met de achterkant naar het gras, alsof het vee elk moment weer bij elkaar geroepen kan worden. Alles hier voelt gegroeid, niet aangelegd. En toch is het geen museumdorp: tussen de oude gevels door zie je nieuwere huizen, spelende kinderen, auto’s op de oprit.

Dorpsaanzicht van Rheeze met boerderijen

Frogger

Even later werd die rust abrupt doorbroken. Een drukke autoweg, auto’s die met 100 km/u voorbij raasden. Even wachten, inschatten en gaan. Het voelde als Frogger.

In één klap was ik weer terug in de moderne wereld. Maar misschien was dat juist goed. Het haalde me uit de flow en maakte me weer scherp. Daarna dook het pad het bos in, en de geur van dennen verzachtte meteen alles. Alsof de dag zich daar opnieuw zette.

Stuifzandpad na het oversteken van de weg

De Doodskolk en kleine dingen

Bij de Doodskolk veranderde het landschap. Het werd licht glooiend. Niet groot, maar wel voelbaar. Na de hunebedden en zwerfkeien van Drenthe, waar de ijstijd bijna tastbaar is, voelt dit anders. Zachter. Minder zichtbaar misschien, maar nog steeds gevormd door dezelfde krachten.

In de verte lag het idee van de Sallandse Heuvelrug al op de loer. Bossen, heide, hoogteverschillen. Plekken waar je straks verder kijkt dan alleen het pad. En ergens daar zouden jeneverbessen kunnen staan. Of misschien een korhoen. Ik zag ze niet, maar alleen al het idee dat ze er zouden kunnen zijn, maakte dat ik anders keek.

De Doodskolk met glooiend landschap

Naast het pad stond een bord met het verhaal over een Kozak die hier in 1813 verdronk, in volle galop. Zo’n detail dat een plek ineens zwaarder maakt. Niet veel verder, bij de laatste pauzeplaats van de dag, stond op een bankje: "Wees bevriend met kleine dingen en je zult gelukkig zijn." Het voelde alsof de route zichzelf daar even samenvatte.

Bankje met de tekst 'Wees bevriend met kleine dingen en je zult gelukkig zijn'

Laatste kilometers en thuiskomen

De laatste kilometers kregen ineens een doel: een pannenkoekenhuis dat om 19:45 de keuken zou sluiten. Waar de hele dag draaide om rust, kwam er nu iets van tempo in. Niet forceren, maar wel doorlopen. Even efficiënt.

En opletten. Want ik miste alsnog een afslag omdat ik dus op mijn telefoon zat…

En dan ineens: de Vecht weer. De parkeerplek. Het water. Ik liep er zo in.

De plons was precies wat ik nodig had. Alsof de dag van me afspoelde. Daarna een lentebok, een pannenkoek en een lava cake. Meer was er eigenlijk niet nodig.

Morgen weer verder. Langzaam richting de Sallandse Heuvelrug. Misschien iets meer hoogte, maar hopelijk hetzelfde tempo.

Bekijk op Strava

Nieuwsbrief